Pages Menu
Categories Menu

Posted by on mei 19, 2021

De Kunstweken en het belang van aandacht voor digitaal burgerschap

De Kunstweken en het belang van aandacht voor digitaal burgerschap

Wat heeft gratis schijfruimte bij Dropbox te maken met een kunstproject in het basisonderwijs? Wanneer het enigszins cryptische antwoord daarop luidt: ‘het inzetten van je netwerk, want gratis bestaat niet’ zou je misschien je wenkbrauwen fronsen. Ik ga straks wat verder in op het verband tussen een techbedrijf en een kunstactiviteit voor kinderen. Ik wil namelijk eerst uitleggen waarom digitaal burgerschap, het onderwerp van dit blog, momenteel hoog op de agenda van bibliotheken staat.

Wellicht hoorde je al over de programmalijn digitaal burgerschap, waarbij de KB, SPN en de bibliotheken nauw met elkaar samenwerken. De eerste vraag die vaak gesteld wordt is wat het begrip nu eigenlijk precies inhoudt. Een honderd procent kloppende definitie is er nog niet, maar vanuit het perspectief van bibliotheken is het in staat stellen van burgers om actief en kritisch deel te nemen aan de digitaliserende samenleving eentje die heel dicht bij de essentie komt. In tegenstelling tot programma’s voor digitale inclusie (gericht op burgers die vanwege allerlei redenen niet kunnen meekomen), of digitale geletterdheid (in bibliotheekland meestal geframed in relatie tot het onderwijs), betreft digitaal burgerschap álle burgers: van niet-zelfredzame jeugd tot zelfredzame volwassenen en alles wat daartussenin zit.

Paradox

Nederland scoort steevast het hoogst als het gaat om de beschikbaarheid van breedband en allerlei andere internetgerelateerde zaken. Tegelijkertijd is er paradoxaal genoeg sprake van een steeds grotere kloof tussen burgers die zich prima weten te redden in die digitaliserende samenleving en burgers voor wie dat steeds lastiger wordt. “We updaten onze technologie, maar vergeten de samenleving te updaten”, schetst het Rathenau Instituut treffend. Een klassieke reactie om die laatste groep te laten ‘meedoen’ is het investeren in apparatuur om toegang tot het internet en digitale diensten mogelijk te maken. Dat zie je bijvoorbeeld in het beschikbaar stellen van hardware voor kinderen die tijdens de pandemie onderwijs op afstand moeten volgen. Deze goedbedoelde inzamelacties lossen het probleem echter niet op. Net zoals het geven van alleen een pen kinderen geen schrijvers maakt, geldt dat het doneren van een tablet hen geen inzicht geeft in de mogelijkheden die de apparatuur hen biedt, laat staan dat zij de machinaties van de online wereld leren te doorzien.

Juist dat laatste is waarin de grootste uitdaging schuilt. Wat het volwaardig online kunnen meedoen namelijk nog wat lastiger maakt is dat in die wereld allerlei krachten spelen die vaak onzichtbaar zijn, of bewust worden overgoten met een sausje om het allemaal net wat mooier, kloppender, spannender of leuker te laten zijn. Hans Schnitzler parafraserend wordt de lens waardoor je online de wereld bekijkt mede bepaald door techbedrijven. Dit leidt ertoe dat echt begrijpen wat er speelt, en vervolgens kunnen bepalen wat jouw keuzes zijn, daarmee wel heel erg moeilijk wordt gemaakt. Daarmee raakt de essentie van digitaal burgerschap veel grotere thema’s dan digitalisering alleen en gaat het uiteindelijk over democratie en de wijze waarop we met elkaar omgaan. Om daarin volwaardig te kunnen participeren is knoppenkunde ontoereikend, maar zijn complexe digitale vaardigheden nodig.

E-mailadressen voor museumopening

Kortgeleden leerde ik dat deze uitdagingen letterlijk en figuurlijk met kleuters je huis kunnen binnenlopen. Tijdens een bezoek aan goede vrienden Sanne en Peter vertelden zij over het project De Kunstweken, waaraan de school van hun kinderen meedeed. Schoolbreed, van kleuters tot groep 8-ers, maakten leerlingen kennis met bekende kunstenaars en werden zij uitgedaagd om in de stijl van die meester, begeleid door een kunstenaar in de klas, een eigen kunstwerk te maken.

Jullie moeten een museum openen, want Stijn heeft al zeven en ik nog niks” was de wat cryptische mededeling waarmee hun zoontje Dylan onlangs thuiskwam. Naast de fysieke lessen en activiteiten op school kent het project namelijk ook een online gedeelte. Slechts een tipje van de sluier wordt opgelicht middels een gepersonaliseerde glossy folder die de kinderen mee naar huis namen. Daarop is het kunstwerk dat zij op school maakten grotendeels achter een doek verborgen. Nog even geduld dus.

Om het volwaardige werk te zien werden ouders naar een online museum geleid. Vol verwachting probeerden Sanne en Peter de deur daarvan te openen, maar opnieuw werd de onthulling uitgesteld. Na aanmelding ontvingen ze namelijk een e-mail met de melding dat het persoonlijke museum pas geopend werd nadat eerst nog minimaal drie e-mailadressen van vrienden of familie verzameld werden. Immers, hoe meer zielen hoe meer vreugd. Voor zowel Sanne en Peter als de aangedragen contacten gold dat ze ook e-mails ontvingen die hen moesten verleiden om producten aan te schaffen met het kunstwerk erop geprint. Bij minimaal acht aangeschafte producten krijgt Dylan als beloning een cadeau. Hetzelfde principe dus als bij het aanleveren van contacten die een account bij Dropbox of een vergelijkbare online dienst nemen. Hoe meer klanten je aanlevert, des te meer gratis opslagruimte voor jou. Het is een model dat naar alle waarschijnlijkheid oeroud is, maar groot geworden in het digitale domein. Met de spreekwoordelijke druk op de Entertoets levert jouw persoonlijke netwerk voor jou mooie voordeeltjes op.

‘Maak van je museum een succes.. Maak kans op een iPad!’

Om het allemaal nog wat verleidelijker te maken vergroot elke aanschaf (prints van het kunstwerk van Dylan op mokken, broodtrommels en ga zo maar door) van die contacten de mogelijkheid om één van vijf beschikbare iPads te winnen. Hoe beter je dus in staat bent om jouw persoonlijke netwerk te mobiliseren, hoe groter de kans om er eentje in de wacht te slepen. Dat de druk om deze adressen te verzamelen nog eens verhoogd wordt, doordat pas ná het openen van het persoonlijke museum het werk ook opgenomen werd in de gezamenlijke schoolgalerie, lijkt haast bijzaak, maar is natuurlijk uitermate ongewenst. Wat betekent dit voor de kinderen wiens ouders hiertoe niet in staat zijn? De kloof tussen voorlopers en achterblijvers wordt in ieder geval groter.

Eén en ander leidde ertoe dat er in de klas van de kinderen van Sanne en Peter (we hebben het over groepen 1 en 2) al snel een rat race ontstond. “Wie heeft de meeste bezoekers?” Dat werd nog eens aangewakkerd, omdat op de website per individueel kunstwerk te zien is hoeveel aangemelde bezoekers er al zijn. Ook het eerder genoemde aanbod dat kinderen hun kunstwerk konden laten drukken op allerlei soorten merchandise leidde al snel tot verwachtingen en groepsdruk: wat doe je als ouders immers als de hele klas een gepersonaliseerde broodtrommel heeft en Dylan niet? Wat als je niet in staat bent een online betaling te doen? Wat als je de vaardigheden niet hebt om jouw persoonlijke netwerk in te zetten om voldoende e-mailadressen te bemachtigen? Wat als je thuis verstoken bent van een computer of tablet? Wat als je gewoon niet begrijpt hoe deze mechanismes werken?

Welke 21e-eeuwse vaardigheden?

Over de digitale vaardigheden van kinderen van deze leeftijd kan je eenzelfde boom opzetten. Dat het uiteindelijk voor De Kunstweken vooral te doen is om het behalen van zoveel mogelijk transacties (het project wordt ermee gefinancierd, maar is daardoor ‘gratis’) zal hen volledig ontgaan. Resultaat is dat onze vrienden zich min of meer verplicht voelen een broodtrommel met kunstwerk aan te schaffen. Daarnaast is er een competitie-element in het project ingebakken. Er kan namelijk gekozen worden wie het mooiste kunstwerk gemaakt heeft, waarmee de winnaar ook weer een mooie prijs kan winnen. Aldus Peter: “Zonder dat ik dat wil ga ik toch kijken en vergelijken. Wie is er beter? Ik word er ongelukkig van.

Zou er dan gedurende het bedenken van dit proces niemand hebben nagedacht over deze aspecten? En hebben bedacht dat deze uitgekiende marketings- en verleidingsstrategieën voor kinderen niet te begrijpen zouden zijn en ook nadelige aspecten konden hebben? Het geeft maar aan dat het blijkbaar al heel gewoon gevonden wordt dat het transactionele aspect van de online wereld ook het klaslokaal van de allerjongsten binnendringt. Dat zij dit niet kunnen overzien en begrijpen is duidelijk.

Van de bedenkers en leerkrachten zou je echter wel wat meer mogen verwachten, zeker wanneer er op de website aangegeven wordt dat aansluit op de competenties en kerndoelen rondom 21e-eeuwse vaardigheden. Het geeft nog maar eens extra aan waarom de ambitie om burgers in staat te stellen om actief en kritisch deel te nemen aan de digitaliserende samenleving inderdaad voor zeer uiteenlopende doelgroepen relevant is. Slechte ideeën zullen er altijd blijven, maar met de gave om ze goed kunnen beoordelen kan de wereld al snel een beetje mooier worden.

* de namen van onze vrienden zijn vanwege privacyredenen fictief

Read More

Posted by on nov 27, 2014

Scholieren: “Digitale fabricage, 3D printen? Daar doen we niets mee”

Scholieren: “Digitale fabricage, 3D printen? Daar doen we niets mee”

Deze week waren we met FryskLab van de partij bij de Career Day van Jet-Net. Dit evenement is speciaal opgezet voor leerlingen uit 4 havo en 5 vwo die een Natuurprofiel hebben gekozen en moet hen helpen bij hun studiekeuze. Gedurende twee dagen doorliepen honderden scholieren tal van sessies en workshops waarbij bedrijven en opleidingen zichzelf profileerden.

In dit programma verzorgden wij een halfuur durende sessies waarbij we hen een inkijkje gaven in digitale fabricage. Zo konden 18 groepjes van 10 personen de bus bezoeken. De eerst vraag die we ze telkens stelden was of ze op school ook hiermee in aanraking kwamen. Enkele uitzonderingen daargelaten was dit nergens het geval. Even doorvragen leidde echter tot een nog zorgelijker conclusie: veel scholen hadden wel een 3D printer, maar daarmee werd eigenlijk niets gedaan.

FryskLab slide Jet-Net.001

We konden prachtig de actualiteit van 3D printing aangeven dankzij dit geslaagde experiment van NASA.

Naar de oorzaak daarvan valt slechts te gissen, maar een voorzichtige conclusie valt wel te trekken: scholen schaffen aan vanwege de hipheid van het apparaat, maar vergeten wordt dat zo’n machine pas zinvol wordt als deze écht wordt ingepast in het curriculum. Het is natuurlijk hartstikke leuk wanneer een select groepje leerlingen samen met een leerkracht een printer in elkaar zet, maar wanneer er verder geen draagvlak is of koppeling met het onderwijsprogramma is daarna de lol en het leren er snel vanaf.

En wat is dat jammer, want we kregen ontzettend veel positieve respons op onze sessies. En heel veel verbazing: het filmpje over het printen van huizen in China leidde tot veel reacties, maar ook uitroepen als “episch!” bij het zien van de ‘kleine’ printers in de bus illustreerden dit prachtig.

Veel van deze jongeren willen hier dolgraag iets mee, maar de aansluiting met het onderwijs ontbreekt. En daarmee ook de aansluiting met vervolgopleidingen en toekomstige werkgevers. Daar liggen dus heel veel kansen, maar ook open eindjes die invulling behoeven. Dat je op dat snijvlak als bibliotheek kunt functioneren is een prettige gewaarwording.

 

Read More

Posted by on mrt 10, 2011

Bibliotheken kunnen hun nek uitsteken met KoppieCopy

Bibliotheken kunnen hun nek uitsteken met KoppieCopy

 

Martijn Arnoldus van Creative Commons Nederland introduceert het programma.

Bijna een jaar geleden schreef ik de korte blogpost De positieve insteek van KoppieCopy. Vanwege een drukke agenda kon ik toendertijd niet aanwezig zijn bij de startbijeenkomst, maar vandaag was ik wel in staat het seminar Auteursrecht in de klas in Amsterdam bij te wonen. De essentie van KoppieCopy is leerlingen uit het VO en MBO duidelijk te maken dat het werken met digitale content in lang niet alle gevallen verboden is. Wat dat betreft al een heel prettig signaal afgezet tegen de voortdurende stroom van negatieve berichtgeving, bijvoorbeeld afkomstig uit de kokers van de Brein’s van deze wereld. In drie stappen, leren, remixen en delen, komen leerlingen spelenderwijs in aanraking met de theorie en vraagstukken omtrent auteursrecht. Daarnaast gaan zij zelf praktisch aan de slag met publieke content om dat materiaal op hun beurt weer beschikbaar te stellen voor anderen. Al het materiaal valt daarmee onder de GelijkDelen-licentie van Creative Commons.

Ik bezocht de dag omdat ik voornemens ben het programma vanuit de bibliotheek aan te bieden aan het onderwijs. Omdat auteursrecht namelijk zo nauw verwant is aan mediawijsheid vind ik het niet meer dan voor de hand liggend dat bibliotheken hierin een voorname rol spelen. Mijn inschatting is daarnaast dat het ’t onderwijs ontbeert aan voldoende kennis en mankracht om dit onderwerp op een goede manier in te bedden in het lesaanbod. En laten we wel wezen: auteursrecht en bibliotheken gaan natuurlijk hand in hand, zij het vandaag de dag vooral op een negatieve manier (het niet kunnen aanbieden van bijvoorbeeld ebooks, streaming diensten etc.) KoppieCopy is daarmee ook een mooie manier om onze nek uit te steken en aantoonbaar te maken dat het digitale domein ook óns domein is. Een positief signaal dus, wat ook wel eens mag in het huidige tranendal van bezuinigingen en onbegrijpelijke digitale restricties.

Read More

Posted by on mrt 10, 2011

Presenteren met Projeqt werkt uitstekend

Presenteren met Projeqt werkt uitstekend

Het is bijna een half jaar geleden dat ik een post wijdde aan Projeqt, een webbased tool om verhalen mee te vertellen. Ik heb me toen opgegeven voor een beta-account, die ik enige tijd terug toegewezen kreeg. Na de eerste vingeroefeningen was ik onmiddellijk aangenaam verrast door het gebruiksgemak en de overzichtelijkheid ervan. Om het in de praktijk te testen heb ik gisteren een presentatie gegeven voor leerkrachten van CSG Comenius in Leeuwarden, waarbij ik het als gereedschap gebruikte. En dat werkte uitstekend. In principe verenigt het ’t beste van een desktop-app als Keynote en een online tool als Prezi en dat was waarnaar ik voor de presentatie in kwestie op zoek was. In dit geval dus een lineair verhaal, eigenlijk niet meer dan Keynote in the cloud, maar het programma kan veel meer. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk meerdere projeqten te koppelen, waarmee allerlei uitstapjes mogelijk worden. Erg leuk om mee te spelen en wordt daarom zeker vervolgd.

Read More

Posted by on okt 20, 2010

Sir Ken Robinson: A Creative Education

Open Culture toonde zojuist onderstaande animatie, gebaseerd op een lezing van Ken Robinson, in mijn RSS-lezer. Het fragment komt uit een langere voordracht van Robinson, die hier te vinden is.

Now, with the latest RSA video, Sir Ken returns to delve deeper into this basic question. He asks, Why do schools kill creativity? And why is this problem built into the modern educational system? And how can we bring a “paradigm” shift – one that will let schools foster creativity at long last?”

Add to: Facebook | Digg | Del.icio.us | Stumbleupon | Reddit | Blinklist | Twitter | Technorati | Yahoo Buzz | Newsvine

Read More

Pin It on Pinterest