Pages Menu
Categories Menu

Posted by on dec 14, 2016

Waar zijn de Nederlandse bibliotheken in het debat over privacy? [update]

Waar zijn de Nederlandse bibliotheken in het debat over privacy? [update]

Geletterdheid zijn betekent vandaag de dag ook dat je kan lezen en schrijven met digitale technologie. En voor bibliothecarissen bovenal dat je kritisch bent op actuele ontwikkelingen en je daarbinnen positioneert. Tenminste, die mening ben ik zelf toegedaan.

Het is niet de eerste keer dat actuele gebeurtenissen in Amerika me hiervan weer extra bewust maken. Sinds de uitverkiezing van Donald Trump benadrukt de American Library Association dat zij zich des te meer sterk maakt voor de bescherming van persoonsgegevens van bibliotheekgebruikers. In een artikel in The Guardian, Libraries promise to destroy user data to avoid threat of government surveillance, wordt ALA-voorzitter Julie Todero geciteerd:

Todaro said that the ALA’s core values remained unchanged: “free access, intellectual freedom, privacy and confidentiality”.

Treffend vond ik dat de kernwaarden in principe dezelfde zijn die digitale burgerrechtenorganisatie Electronic Frontier Foundation (EFF) meegeeft aan technologievoorlopers die vandaag spraken met Trump. In de online publicatie EFF to Tech Leaders: Stand With Users and Tell Trump We Need Strong Encryption, Internet Freedom, noemen zij vijf punten waarvoor de technologievoorlopers zich sterk zouden moeten maken:

  • Pleidooi voor sterke encryptie (zorgen dat het onmogelijk is achterdeurtjes in software te integreren)
  • Protesteren tegen het massaal toezicht op burgers
  • Waarborgen van vrijheid van meningsuiting
  • Bewaken van netneutraliteit
  • Bescherming van persoonsgegevens

De Nederlandse equivalent van EFF, Bits of Freedom, maakt zich gelukkig ook sterk voor bovenstaande punten, bijvoorbeeld middels de recentelijk gestarte campagne GeenSleep.net. Ook leggen zij glashelder uit op welke manieren gebruiksgegevens grootschalig worden verzameld en wat je als gebruiker zelf kan doen om je zo veilig mogelijk te bewegen binnen het digitale domein.

Maar de Nederlandse bibliotheken zijn en blijven in deze discussie onzichtbaar. Niet dat zij niets aan privacy doen overigens, maar die betrokkenheid heeft voornamelijk betrekking op de eigen systemen en is daarmee intern gericht. Naar buiten toe, in het publieke en politieke debat, is de bibliotheek geen deelnemer en zéker geen pro-actieve partij. En dat vind ik zorgelijk.

Maar waaraan het ligt dat de bibliotheek onzichtbaar is? Ik denk dat het begint bij het bewustzijn dat dit überhaupt een onderwerp is dat bibliotheken in Nederland aangaat. En dat de problematiek voor onze gebruikers inmiddels wel wat verder gaat dan het beveiligen van Facebookpagina’s (hoe belangrijk ook). In de onlangs vastgestelde Visie Mediawijsheid 2016-2018 van de Koninklijke Bibliotheek komt het begrip ‘privacy’ welgeteld twee keer voorbij, en dan exclusief bestemd voor scholieren. Beide keren wordt namelijk verwezen naar externe bronnen: rapporten van het KNAW en SLO over digitale geletterdheid in het voortgezet onderwijs.

Maar dus geen standpunt, in ieder geval niet publiek, van de Koninklijke Bibliotheek zélf. En daarmee ook geen stellingname over het bredere begrip van privacy dat geldt voor álle gebruikers van de bibliotheek, of beter nog, alle burgers in Nederland. De grote vraag is dus hoe de KB – en daarmee ook het Nederlandse bibliotheekstelsel – aankijkt tegen de thematiek waar de collega’s in Amerika zich, in mijn ogen volkomen terecht, zo sterk voor maken? Maar wat net zo goed speelt in Nederland, kijkend naar het debat over ‘het sleepnet’, cq. de uitbreiding van bevoegdheden van de AIVD.

Bits of Freedom was er vanavond via Twitter glashelder over: ook gebruiksgegevens van bibliotheken kunnen in dat sleepnet terechtkomen. Dat alleen al zou reden moeten zijn om stevig stelling te nemen. De KB kan daarbij alvast een voorbeeld nemen aan andere maatschappelijke organisaties als Amnesty International of Internet Society Nederland die reageerden op de internetconsultatie en zich zorgen maken over de huidige wetsvoorstellen.

Als zelfbenoemd pleitbezorgers van mediawijsheid en digitale geletterdheid vind ik dat adel verplicht, dus aan de KB en zeker ook de Vereniging van Openbare Bibliotheken het verzoek om zich te mengen in het debat. Of het iets verandert aan de mening van Kamerleden is ongewis, maar bibliotheken hebben dan wel hun stem laten horen. Of beseffen zich misschien dat dit een thema is dat hun aangaat. Dat vind ik misschien nog wel net zo belangrijk: het goede voorbeeld geven voor bibliothecarissen dat dit een thema is dat hén aangaat.

 

[update 16 december]

De Koninklijke Bibliotheek heeft via Twitter gereageerd en gaat het punt agenderen. Op de uitnodiging hierover mee te denken ga ik vanzelfsprekend in. Wie volgt?

Afbeelding: jamie_okeefe Flickr via Compfight cc

Read More

Posted by on mrt 30, 2016

[AUDIO] Bij BNR Nieuwsradio praten over makersbeweging in Nederland

[AUDIO] Bij BNR Nieuwsradio praten over makersbeweging in Nederland

Vanmiddag mocht ik samen met Astrid Poot (check haar Klooikoffers!) bij BNR Zakendoen Met komen praten over de opkomst en ontwikkeling van de makersbeweging in Nederland. Daarbij ging het natuurlijk ook over het maakonderwijs, de Maker Faire, de politiek en het feit dat de vouchers van Platform Maker Education schoon op zijn.

De uitzending is hier terug te luisteren.

IMG_6612

Read More

Posted by on dec 12, 2015

Ontvriendden jullie ook wel eens iemand op Facebook vanwege politieke voorkeur?

Ontvriendden jullie ook wel eens iemand op Facebook vanwege politieke voorkeur?

Ik wel namelijk. En dat vond ik niet gemakkelijk, omdat ik sowieso al vrij kritisch ben op wie mijn Facebookvrienden zijn en daarbinnen ook vrij strikt hanteer wie vriend, kennis etc. is. Ook wijs ik geregeld vriendschapsverzoeken af van mensen die ik niet of nauwelijks ken. Op Facebook deel ik namelijk andere zaken dan op Twitter, LinkedIn of hier, op mijn blog.

Wanneer ik iemand ontvriend, heb ik daarvoor dus een goede reden. Ik doe het daarom niet vaak, maar kortgeleden nam ik die stap dus wel. De reden daarvoor was dat ik in mijn eigen tijdlijn niet geconfronteerd wenste te worden met Zwarte Pieten-discussies (vriend was voor) en daaraan helaas vaak gekoppelde sentimenten als de vluchtelingencrisis (vriend was tegen), voorzien van ondubbelzinnige commentaren of likes van andere berichten om dat te onderschrijven.

Ben ik dan naïef? Steek in m’n kop in het zand en ontwijk ik andere meningen dan die van mezelf? Nee, dat zeker niet. Maar ik vind het erg prettig zelf op zoek te gaan naar informatie die beide kanten van de medaille belichten. En daarvoor gebruik ik media die ik vertrouw en niet Facebookcommunities als Nederland mijn vaderland (overigens nog vrij onschuldig) die in alles het fenomeen van de echo chamber vertegenwoordigen. En die via via dus ook in mijn eigen berichtenoverzicht tot mij kwamen.

En dat brengt me bij één van grootste bezwaren van het ontvrienden: dat ik daarmee ook m’n eigen echo chamber en filter bubble creëer. Links- of rechtsom laat ik me op Facebook omringen door (min of meer) gelijkstemden en negeer ik extremiteiten. Is dat goed? Ergens vind ik van niet en ik kan even goed argumenten aandragen om niet te ontvrienden vanwege politieke voorkeur. Om in ieder geval niet het gevoel te hebben oogkleppen te dragen.

Ik blijk daarin echter niet de enige te zijn las ik vanmorgen. Onderzoek van Nicholas John (Hebrew University of Jerusalem) en Shira Dvir-Gvirsman (Tel Aviv University) heeft aangetoond dat politieke commentaren op Facebook geregeld reden zijn om iemand te ontvrienden. De onderzoekers stippen daarbij ook mijn zorg aan:

“We already know that Facebook and search engines provide us with a feed and search results that are tailored to us. By unfriending we are further contributing to the formation of echo chambers and filter bubbles.”

In die zin dus herkenning, echter zonder dat dit mijn twijfel om te ontvrienden wegneemt. Ergens voelt het namelijk onnatuurlijk, niet willen horen of zien wat iemand zegt.

Afbeelding: Oli Dunkley via Compfight cc

Read More

Posted by on sep 24, 2015

“El Paquete Semanal”: een wekelijks pakket illegale content Cuba-style

“El Paquete Semanal”: een wekelijks pakket illegale content Cuba-style

Wat doe je als het onmogelijk is te kunnen kijken en luisteren wat je wil? Of de beste apps op je telefoon te installeren? Dan ga je op zoek naar manieren om dat toch te doen natuurlijk.

In Cuba, een land waar de overheids-tv het enige is dat je als burger kunt ontvangen en het internet retetraag is, verval je dan in traditionele trapetradingmethodieken. Daarbij zijn de aloude cassette- en videobanden echter vervangen door harddisks van 1 terabyte en bestaat de content uit de meest actuele films, muziek en apps denkbaar. De distributie ervan vindt echter volledig in het fysieke domein plaats. Het internet wordt er dus niet voor gebruikt.

In onderstaande korte docu van Vox wordt een mooi inkijkje gegeven in deze vorm van informatieverspreiding. Het principe het draagt de naam El Paquete Semanal, het wekelijkse pakketje.

bron: Laughing Squid

Read More

Posted by on sep 24, 2015

Mooi moment: Sander Dekker lanceert Platform Maker Education

Mooi moment: Sander Dekker lanceert Platform Maker Education

Op woensdag 23 september 2015 gaf Staatssecretaris Sander Dekker van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen op de markt van ScienceMakers 2015 het startsein voor het Platform Maker Education. Zie voor het persbericht hier.

In een vraaggesprek met een leerling vertelt de staatssecretaris dat hij €150.000 euro voor dit schooljaar beschikbaar stelt. Deze bijdrage is een resultaat van het Manifest Makersonderwijs en de daaruit voortkomende Motie Makersonderwijs van Anne Wil Lucas (VVD) en Tanja Jadnanansing (PvdA).

Het plan waarvoor de staatssecretaris geld beschikbaar stelt is geschreven door Karien Vermeulen (Waag Society), Arjan van der Meij (De Populier) en ikzelf. We gaan ook fungeren als kwartiermakers om het plan te gaan uitvoeren. Dit moet aankomend jaar onder meer resulteren in een aantal werkconferenties, het verrichten van onderzoek en het inventariseren & verbinden van al bestaande maakinitiatieven.

Voor mij persoonlijk is het érg bijzonder dat ook de openbare bibliotheken een rol spelen in het geheel. Het biedt wat mij betreft ongelooflijk mooie kansen om onszelf opnieuw te positioneren, zowel richting onderwijspartners als de invulling van het bibliotheekwerk op zich.

Zie hieronder voor het filmpje van dit vraaggesprek.

Read More

Posted by on jul 7, 2015

Maakonderwijs mag zich niet beperken tot ‘toppers’

Maakonderwijs mag zich niet beperken tot ‘toppers’

Twee berichten in m’n Twitterstream gisteren die beide over de maker movement en (informeel) maakonderwijs gaan, maar mijlenver uit elkaar staan.

Allereerst was daar het bericht dat op 23 september a.s. in Amsterdam het event ScienceMakers wordt georganiseerd. Het initiatief komt voort uit het programma Techniekpact van het Platform Bètatechniek (PBT), een top-down gremium dat zich richt op het stimuleren van wetenschap en techniek in het onderwijs. Ik zeg bewust top-down, omdat het geen enkel FabLab- of makersinitiatief (schoolvoorbeelden van grassroots ontwikkelingen) ooit gelukt is in dit proces te kunnen meedraaien en een graantje van de vele beschikbare techniekmiljoenen te kunnen meepikken.

En dat is heel erg raar gezien de vele initiatieven zoals Fabschool, waarin kwalitatief hoogwaardig onderwijsaanbod wordt samengebracht dat 100% afkomstig is uit de Nederlandse makersbeweging. Of de website van Maker Education Nederland, een initiatief van Arjan van der Meij. Of het manifest makersonderwijs, opgesteld door vele makers, leerkrachten, bibliothecarissen en andere betrokkenen zoals Kennisnet.

Dit laatste was het eerste en enige moment dat maakonderwijs bij de landelijke politiek op de agenda kwam. Het resulteerde ook in een aangenomen motie in de Kamer, ingediend door Anne Wil Lucas en Tanja Jadnanansing, onvermoeibare pleitbezorgsters van het uit het veld voortgekomen initiatief. Op de aangenomen motie, die werd gevolgd door gesprekken met minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker, wordt nu namens de indieners van het manifest geacteerd door Arjan van der Meij (FabKlas), Karien Vermeulen (Waag Society) en mijzelf (FryskLab en FabLab Benelux).

Eén van de onderscheidende elementen van de makersbeweging is het democratische karakter ervan. Alles wat van bovenaf georganiseerd is staat hier haaks op en doet er afbreuk aan. Ik maak me daarom zorgen over het gegeven dat het nu wordt geclaimd door een organisatie als PBT. En eigenlijk maak ik me er ook kwaad over. Er wordt namelijk volledig voorbijgegaan aan al het harde werk dat al jarenlang in het veld geleverd wordt. Daarover is door Kennisnet meermaals gepubliceerd: in 2014 in het Trendrapport en onlangs in de publicatie Maker Movement biedt onderwijs schat aan mogelijkheden.

Het gaat naast het onterecht claimen echter ook om een andere grote tekortkoming. De PBT-benadering gaat namelijk volledig voorbij aan het inhoudelijke feit dat bij maken het creatieve element minstens zo belangrijk is als het wetenschappelijke of technische. Door het exclusief binnen bètakaders te trekken wordt een grote groep leerlingen en scholieren buiten beschouwing gelaten. En dat is zo ontzettend onterecht. Niet voor niets is het in het voor Techniekpact zo illustratieve Amerika al een duidelijke wending van STEM (science, technology, engineering, mathematics) naar STEAM (+ arts) merkbaar. Creativiteit, esthetiek en artisticiteit horen net zoveel bij maakonderwijs als bètavakken. In het ronde-tafelgesprek maakonderwijs was minister Bussemaker hierover heel duidelijk. Ook binnen de kunsteducatie zou ruimte voor makersinitiatieven moeten komen.

Door 150 toppers op een schild te hijsen (wat ik voor hen overigens fantastisch vind, laat dat voorop staan) wordt bewust een elite in het leven geroepen. Exclusiviteit is daarmee het credo van Sciencemakers. Dat kan niet verder af staan van de inclusiviteit van de maker movement en maakonderwijs. Niet voor niets zeggen docenten die hiermee al aan de slag zijn dat er bij kinderen andere kwaliteiten en competenties naar boven komen dan bij de ‘normale’ lessen. Door kinderen nu al bij voorhand uit te sluiten zet de bijl aan de wortel van een ontwikkeling die nog piepjong, maar zeer waardevol is.

Maar zoals gezegd kende mijn tijdlijn vandaag twee berichten over maken en maakonderwijs. De andere betrof het inhoudelijke artikel Meet Your Makers over de Capitol Hill Maker Faire. Hiervan was het IMLS (Institute of Museum and Library Services), naast Nation of Makers, één van de trekkers. Tim Carrigan, senior library program officer bij IMLS, verwoordt exact waarover het bij de makersbeweging gaat:

“The Maker movement itself is very free form, and… that’s part of the beauty of it and why it has been so successful, because it’s moving us away from things that are maybe, perhaps, more rigid.”

Vooral zijn zinsnede “because it’s moving us away from things that are maybe, perhaps, more rigid” triggerde me in relatie tot Sciencemakers. Daarnaast is ’t hét onderscheidende element van bibliotheekinitiatieven. Bibliotheken zijn immers de plekken waar iedereen altijd terecht kan om te leren. Daarmee zijn ze in vele opzichten een meer dan logische plek voor een makerspace of Fablab. Vorige week verscheen er al een speciale Makeruitgave van School Library Journal, volgens Carrigan een doorslaand succes. En in Nederland stomen we al op naar de dubbele cijfers wat het aantal bibliotheekfablabs betreft.

Het aanbieden van educatief aanbod, al dan niet in nauwe samenwerking met het onderwijs, staat bij al die initiatieven voorop. Daarnaast kenmerken ze zich door het grassroots karakter, evenals alle andere mooie Nederlandse maakinitiatieven. Vaak gaat het om individuen die ermee aan de slag willen en door hard werken en doorzettingsvermogen daar steeds vaker in slagen. Ik durf wel te stellen dat juist het ontbreken van aansturing van bovenaf hieraan sterk bijdraagt. Maken wordt gedaan door de mensen die met hun poten in de klei staan en wordt niet bedacht op een ministerie of iets dat daaraan verwant is.

De successen van talenten op het gebied van wetenschap en technologie en makeronderwijs bij kinderen krijgt nog te weinig aandacht en het podium dat het verdient“,

wordt gesteld op de Sciencemakerswebsite. Daarmee kan niemand het oneens zijn. Maar ere wie ere toekomt, beste mensen. Het gaat me daadwerkelijk aan het hart dat het concept maakonderwijs niet alleen onterecht wordt geclaimd door PBT, maar nog veel meer dat men doet voorkomen alsof er vóór het event op 23 september niets gebeurd is. Dat is haast een schoffering van alle prachtige initiatieven die al jarenlang genomen én op kleine schaal uitgevoerd worden en die heus bij PBT bekend zijn.

Alle daadwerkelijk bij het maakonderwijs betrokken partijen wachten daarom vol verwachting tot het verzoek voor inhoudelijke bijdrage aan het event op de deurmat ploft. Gelukkig is er nog álle tijd om een gedegen programma neer te zetten dat het maakonderwijs verdient en dat recht doet aan alle energie die er al ingestoken is.

makersonderwijs_4nov2014_share

Read More

Pin It on Pinterest